home
HOME


Familie en naastbetrokkenen Kanjers met een kwetsbaarheid Dingen die deugen Goede GGZ praktijken Sitemap Links Contact

Behandeling Zorg en begeleiding Maatschappelijke ondersteuning (WMO)



LEZEN LUISTEREN EN KIJKEN




Baart over presentie en familie

Gratis E-books over psychose en herstel

Jim van Os: Schizofrenie bestaat niet (SBN)
Jim van Os: Film van het debat over SBN
Amador: We moeten vrienden worden met de patiŽnt
Filmpje van Amador

PatiŽnt- en familiebeleid in de triadebenadering
Onduidelijkheid over de invloed van de Sociale psychiatrie.
Patricia Deegan: herstel als een reis van het hart
Empowerment

Dossier Psychiatrie VPRO
Cannabis als een veelbelovend antipsychoticum
Iedereen is depressief: VPRO december 2010
De evolutie van schizofrenie: Noorderlicht
Schizofrenie door een parasiet: Noorderlicht
Borderline is

up





Onduidelijkheid over de invloed van de Sociale Psychiatrie

INGEZONDEN BRIEF N.A.V. DE OMGEVING VAN JULI 2006
Beste leden van de Familieraad,
Ik heb jullie Nieuwsbrief met interesse gelezen, maar ben geschrokken over jullie opvatting over sociale psychiatrie.
Sociale psychiatrie betekent dat je de patiŽnt ziet in de sociale context: relaties, werk, huisvesting et cetera. Dus juist veel oog voor schulden, uitkering, huisuitzetting en andere praktische zaken.
Het wil absoluut niet zeggen dat de aandoening door de omgeving komt! Wel dat je de patiŽnt niet geÔsoleerd van zijn omgeving kunt zien. Ofwel, wij sociaal psychiaters staan bij uitstek waar jullie voor staan! Ik hoop dat jullie dit misverstand uit de weg kunnen ruimen!
Met vriendelijke groet,
Anne-Marie van Dam, psychiater Spoedeisende Psychiatrie

REACTIE OP DE INGEZONDEN BRIEF
In de vorige omgeving vroeg ik me af waar het nu door komt dat veel grote GGZ instellingen (zoals Mentrum), anno 2006, nog geen familiebeleid hebben.
Hoe het komt dat de omgang met naastbetrokkenen in veel instellingen nog steeds afhangt van individuele hulpverleners en ďgeÔsoleerdeĒ initiatieven.
Ik noemde de rigide wet- en regelgeving als mogelijke oorzaak of de neveneffecten van de Sociale Psychiatrie. Hoe kom ik hier nu bij! Is dit een misverstand dat uit de weg geruimd moet worden?
Ik weet dat aan de basis van de sociale psychiatrie mensen werken met oog en hart voor de hele mens en niet enkel een ďpatiŽntĒ zien los van zijn of haar context die in een soort ďlaboratoriumĒ situatie wordt behandeld met op bewijzen gestoelde wetenschappelijke methoden.
Toch heeft de klinische en biologische benadering de laatste jaren de overhand gekregen binnen de psychiatrie.
En dan doet zich een hele eigenaardige tegenstelling voor.
Juist vanuit de sociale psychiatrie met oog voor de sociale context en het belang van de hele mens, werd de basis gelegd, onder invloed van de anti-psychiatrie, voor het ďsociale modelĒ in de psychiatrie waardoor men, ik citeer ď(Ö) klassieke psychiatrische toestandsbeelden (bijvoorbeeld schizofrenie) niet in een medische maar interactionele en sociale context ging beschouwen. De oorzaak van psychische stoornissen werd gezocht in sociale factoren, opvoeding, gebeurtenissen die stress opleveren en aanpassingsproblemen van individuen. Dit tot veel verdriet van veel ouders die beschouwd werden als belangrijke oorzakelijke factor in het ontstaan van psychiatrische problemen bij hun kinderen.Ē (p.22. Sociale Psychiatrie; visie, theorie en methoden van een maatschappelijk georiŽnteerde psychiatrie; onder redactie van Kees Onderwater; Ivonne van der Padt e.a.; uitgeverij Lemma BV-Utrecht-2005; ISBN 90 5931 334 8.)

up

Als je dan ook nog hoort dat nog geen vijfentwintig jaar geleden vanuit de psychoanalyse en de systeemtheorie ďhet kind uit de familiekluwen gehaald moest worden en ondergebracht moest worden in ďpeergroepenĒ (leeftijdsgroepen) om de autonomie te vergrotenĒ (lezing Don Linszen) dan ben je als familie alleen maar blij dat neurobiologisch onderzoek vaststelt dat oorzaken niet in de opvoeding liggen maar een genetische of lichamelijke oorsprong hebben.
Inmiddels zijn we vele bewezen inzichten en maatschappelijke ontwikkelingen verder en is de tijd rijp voor hulpverleners met oog en hart voor de cliŽnt als heel mens, ingebed in een sociaal netwerk.
En, ik citeer ď(Ö) Een belangrijk aandachtspunt in de hulpverlening aan cliŽnten is de inbedding in en het gebruik kunnen maken van een sociaal netwerk. (Ö) inbedding in een netwerk van persoonlijke relaties en het uitwisselen van sociale steun leidt over het algemeen tot een hoger niveau van welbevinden en een beter gezondheid.Ē (blz. 21. Sociale psychiatrie) En of het nu om maatjes gaat, buren of familie, het is een positief geluid dat sociaal psychiaters zoals Anne-Marie van Dam en vlaggendragers zoals Ivonne van der Padt, een van de schrijvers van dit hierboven genoemde boek, laten horen.
Is het een misverstand of een onduidelijkheid? Mijn vraag naar het ontbreken van een familiebeleid blijft staan. Het antwoord zou je, in stijl van de sociale psychiatrie, kunnen zoeken in de maatschappelijke en politieke ontwikkelingen van de afgelopen twintig jaar. Die waren niet gericht op het sociale netwerk maar op de rechten en emancipatie van de patiŽnt, en terecht. Dat heeft veel goeds opgeleverd en dat moet ook doorgaan.
De maatschappelijke ontwikkelingen zullen nu en de komende jaren worden bepaald door het omgooien van de gehele financiŽle infrastructuur. Een deel van het AWBZ geld (Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten) wordt overgeheveld naar de WMO (Wet Maatschappelijke Ondersteuning).
Een ontwikkeling die in de lijn ligt van de Sociale Psychiatrie en gericht is op herstel en burgerschap van mensen met een psychische kwetsbaarheid. Onder de regie van de Gemeente komt de vermaatschappelijking in een nieuwe fase. De rol van de omgeving en het sociale netwerk, waaronder familie, wordt in de toekomst groter. Dus roepen wij uit volle borst: sociale psychiatrie, laat van je horen, met jullie inzichten en inzet kunnen jullie in deze tijd, ook voor familie, van grote betekenis zijn.

up




Borderline

Borderline is soms ťťn minuut me gelukkig voelen, intens tevreden en dan weer die onrust.
Straffen moet ik, zeer voelen, ik voel niet, ik besta niet, ik ben niet.
Borderline is ďlaat me met rustĒ, ďrot opĒ en tegelijk ďbel meĒ, ďhoud van meĒ, ďgeef om meĒ.
Borderline is niets kunnen beloven. ďIk bel je morgenĒ zei ik net tegen iemand,
maar misschien wil ik morgen wel niemand spreken.
Borderline is niet durven dromen, niet aan een opleiding durven beginnen, ik kan niet
garanderen dat ik het volhoud, zelfs niet een week.
Borderline is telkens maar uitleggen, verdedigen, schaamte.
Borderline is het verlangen naar chaos en het tegelijk haten.
Borderline is onzichtbare pijn.
Borderline is denken ďjaja het zal wel, wat moet je van meĒ als je een glimlach ontvangt.
Borderline is toegeven aan iets liefs voor jezelf doen en met 20 in plaats van ťťn plant
thuiskomen en dan weer geen eten kunnen kopen.
Borderline is terugtrekken bij het eerste vermoeden van verraad.
Borderline is intens leven en intens dood willen om de paar minuten.
Borderline is angst.
Borderline is altijd zoeken naar prikkels, ruzie, alles wat me raakt en het vervolgens niet aankunnen.
Borderline is ďred meĒ ďneem de verantwoording overĒ en ďblijf van me af, ga wegĒ in ťťn zin.
Borderline is ďunfšhig zum lebenĒ, een rare uitdrukking, ďonmachtigĒ en ďonwaardigĒ bedoel ik.
Borderline is verlangen naar een permanent kuuroord, niet die boze buitenwereld.
Borderline maakt eenzaam en rijk tegelijk.
Borderline maakt me stuk en heelt me.
BorderlineÖIk heb het, haat het en omarm het.
Borderline, dat heb ik.

Door Ellen Niewold
Dit lijstje komt uit het borderline bulletin: Samen zoeken naar balans.

up




Herstel als een reis van het hart
(Samenvatting artikel "Herstel als reis van het Hart" door Patricia Deegan, verschenen in Integraal, mei 1996.)

Patricia Deegan werd als 18-jarige gediagnosticeerd als "chronisch schizofreen" en door de omgeving en zichzelf gezien als "hopeloos". Door het opgeven van de hoop werd ze apathisch en passief. Maar ze nam toch haar herstel weer in eigen hand en is klinische psychologie gaan studeren. Nu is ze dokter en probeert de geestelijke gezondheidszorg te veranderen.
Herstel als reis van het hart:

Hoe begint iemand aan de reis naar herstel? Voordat we actieve deelnemers worden aan ons eigen herstelproces, bevinden velen van ons zich in een fase van grote apathie en onverschilligheid. Een fase waarin we geen interesse meer hebben in onze omgeving, waarin we nergens meer om geven.

Ik herinner mezelf op mijn zeventiende jaar, gediagnosticeerd als chronisch schizofreen, zittend in een stoel, verdoofd door de Haldol. Mensen dwongen mij om dingen te doen om mezelf te helpen, maar mijn hart was onverschillig en ik gaf nergens om behalve om slapen en sigaretten roken. Ik had opgegeven. Opgeven was voor mij een oplossing. Het beschermde me ertegen iets te willen. Als ik niets wilde, kon me niets worden afgenomen. Als ik niets probeerde kon ik geen nieuwe fouten maken. Als ik nergens om gaf, kon niets me meer pijn doen. Ik werd onverschillig.

Ik verwacht dat het beeld dat ik hier schets, velen van ons bekend voorkomt. Ik geloof dat onverschillig worden een aanpassingsstrategie is die wanhopige mensen, die op het punt staan alle hoop te verliezen, aanwenden om te overleven.

Als we werken met een psychiatrisch patiŽnt die onverschillig is, alles heeft opgegeven en gemotiveerd is om nergens meer om te geven, dan moeten we begrijpen dat dit iemand is die voelt dat hij geen macht heeft. Hij ervaart dat alle macht in handen ligt van anderen. Ten behoeve van die mensen is het zaak een omgeving te creŽren waarin keuzes kunnen worden gemaakt.

Keuzes, opties, informaties, gehoord worden, rolmodellen, ontwikkelen en oefenen van je stem, mogelijkheden om je leven te verbeteren, dŠt zijn kenmerken van een menselijk interactieve omgeving die de overgang bevordert van onverschilligheid naar "ergens om geven" en van alleen maar overleven naar het actief deelnemen aan je eigen herstelproces.

Ik had besloten een academische graad klinische psychologie te halen en het GGZ-systeem te veranderen. Terugkijkend was dat een juist besluit. Zo goed en zo kwaad als het ging probeerde ik te lezen terwijl ik dubbel zag door de medicijnen. Ik las honderden boeken over herstel en psychologie in een poging mezelf en mijn toestand te begrijpen. Ik probeerde steeds nieuwe manieren om te leren leven met mijn symptomen, waaronder mijn meedogenloze gehoorshallucinaties. En misschien het belangrijkste van alles: Als ik īs morgens opstond, wist ik waarom. Ik had echt een levensdoel, een roeping.

Mijn reis naar herstel gaat nog steeds door. Ik vecht nog altijd met de symptomen, het verdriet over de verliezen die ik heb geleden. Ik ben betrokken bij zelfhulpgroepen en lotgenotencontacten, ik gebruik nog altijd medicijnen, ben in psychotherapie en word soms opgenomen. Maar het is niet meer zo, dat ik medische behandeling ondergŠ, of dat ik naar het ziekenhuis gŠ. Ik heb geleerd medische behandeling en ziekenhuizen te gebrķiken. En dat is een actieve houding die noodzakelijk is in het herstelproces.

Patricia Deegan

up




Empowerment

(Samenvatting van artikel uit Passage, 7e jaargang nr. 2 juni 1998 door Judi Chamberlin.)
Het begrip empowerment wordt, net als het begrip rehabilitatie, te pas en te onpas gebruikt. Maar wat is het nu eigenlijk? Empowerment, en daarmee ook de definitie, is opgebouwd uit 15 afzonderlijke elementen.

Beslissingsvrijheid
In de geestelijke gezondheidszorg beschouwen professionele hulpverleners hun cliŽnten dikwijls als onbekwaam om "de juiste beslissingen" te nemen. Veel voorzieningen beperken daarom op een paternalistische wijze de ruimte waarin cliŽnten zelf keuzes kunnen maken. CliŽnten hebben b.v. wel inspraak bij het opmaken van de menu's maar niet bij het bepalen van het verloop van de behandeling. Daarom doen ze ook geen ervaring op in het nemen van beslissingen en komen zij hierdoor in een langdurige afhankelijkheidsrelatie terecht. Niemand kan echter zelfstandig worden wanneer hij/ of zij niet de gelegenheid wordt geboden om belangrijke beslissingen in zijn of haar leven zelf te nemen.

Toegang hebben tot informatie en tot hulpbronnen
Beslissingen nemen kan niet in een vacuŁm. De beste beslissingen worden genomen wanneer een individu over voldoende informatie beschikt en de mogelijke consequenties van zijn keuzes kan afwegen. Maar vanuit een paternalistische houding wordt door professionele hulpverleners dikwijls aan cliŽnten belangrijke informatie onthouden, zogenaamd "in het belang van de cliŽnt". Omdat cliŽnten niet over de juiste informatie beschikken, nemen zij soms verkeerde beslissingen en dit bevestigt dan weer de opvattingen van de hulpverleners omtrent het "onvermogen" van cliŽnten op dit terrein.

Keuzemogelijkheden
Echt kunnen kiezen is wel iets anders dan kiezen tussen een hamburger of een hot-dog, of tussen gaan zwemmen of bowlen! Wanneer je toevallig naar de bibliotheek wil of je wil ergens een slaatje gaan etenÖ dan heb je gewoon pech!

Assertiviteit
"Gewone" burgers worden voor deze kwaliteit gewaardeerd. Assertieve psychiatrische patiŽnten daarentegen worden als "manipulerend" bestempeld. Dit is een voorbeeld van hoe iemand ten gevolge van een psychiatrisch etiket zijn positieve eigenschappen "verliest" en wordt opgezadeld met negatieve kenmerken. Assertiviteit -duidelijk opkomen voor jezelf, je wensen en je verwachtingen- helpt een individu om dat te bereiken wat hij of zij precies wil.

De mening van het individu is belangrijk.
Hoop is een belangrijk element in onze definitie van empowerment. Een hoopvol iemand gelooft in toekomstige veranderingen en in verbetering. Zonder hoop zijn alle inspanningen zinloos. Ondanks het feit dat professionele hulpverleners hun cliŽnten soms bestempelen als "onbehandelbaar" of "chronisch", verwachten zij dat dezelfde cliŽnten gemotiveerd zouden zijn om initiatief te nemen en veranderingen na te streven, zonder zich daarbij te realiseren welk gevoel van hopeloosheid de begrippen die zij zo vaak hanteren oproepen.

Kritisch leren denken i.p.v. geconditioneerd handelen. De dingen op een andere manier bekijken.
Het opnieuw op de voorgrond plaatsten van persoonlijke levensverhalen. Het terugvinden van iemands persoonlijke competentie en het ontmaskeren van de machtsrelaties die dikwijls de professionele hulpverleningsrelatie overschaduwen. In zelfhulpgroepen zie je vaak hoe leden kort na hun intrede in de groep hun hele verhaal vertellen aan de anderen. Dit kwijt kunnen van je persoonlijke verhaal ťn het ontmoeten van iemand die naar je luistert, zijn belangrijke, vitale ervaringen voor de groepsleden.

Boosheid tonen en er mee leren omgaan.
Het gedrag van cliŽnten die hun boosheid tonen, wordt door professionele hulpverleners dikwijls omschreven als "decompensatie" of "controleverlies", ook wanneer de boosheid terecht is en een "normaal" iemand op dezelfde wijze zou reageren. Omdat boosheid tonen niet wordt getolereerd, gaan cliŽnten deze gevoelens bij zichzelf uit de weg en zullen zij teveel het destructieve in hun kwaadheid benadrukken. CliŽnten hebben daarom behoefte aangelegenheden met hun boosheid te leren omgaan, om op een veilige manier deze gevoelens te kunnen uiten en om te leren hoever zij hierin mogen gaan.

Het belang van de groep en het gevoel er niet alleen voor te staan.
Het groepselement is een belangrijke dimensie in onze definitie. Empowerment is niet iets wat enkel het individu aanbelangt, maar het heeft ook te maken met het zich verbonden voelen met anderen.

Mensen hebben rechten
De zelfhulpbeweging in de Ggz betekent een beweging die een aantal basale rechten voor elk individu nastreeft. Er bestaat ook een sterke verwantschap tussen deze beweging en de beweging van andere kansarme en onderdrukte groepen, zoals raciale en etnische minderheden, vrouwen, homo's, lesbiennes en gehandicapten. Deze bevrijdingsbewegingen voeren eenzelfde strijd voor gelijke rechten. Wanneer we ons van onze rechten bewust worden, voelen we ons sterker en meer zelfverzekerd.

Veranderingen aanbrengen in het bestaan van individuen en groepen
Empowerment is meer dan "zin hebben in" of "een bepaald gevoel dat je overkomt". Deze ervaringen zien we eerder voorafgaan aan de daadwerkelijke actie. Wanneer iemand zťlf veranderingen in zijn bestaan aanbrengt, beheerst hij of zij meer de situatie, heeft meer controle over de gebeurtenissen. Op zijn beurt leidt deze betere controle tot nog meer effectieve veranderingen. Het is goed erop te wijzen, dat het niet enkel gaat om veranderingen in het hoofd van het individu, ook de groepsdimensie is hier belangrijk.

Vaardigheden aanleren die het individu zelf belangrijk vindt
In de Ggz klagen professionele hulpverleners soms over het gebrek aan vaardigheden bij cliŽnten en over hun onvermogen om nieuwe vaardigheden aan te leren. Tegelijkertijd zijn de vaardigheden die professionals belangrijk vinden niet altijd de vaardigheden waar cliŽnten de voorkeur aan geven ( b.v. dagelijks je bed opmaken). Wanneer cliŽnten de gelegenheid krijgen om die dingen te leren die ze zelf willen, staan professionele hulpverleners en soms ook cliŽnten zelf versteld van de vlotte wijze waarop deze nieuwe vaardigheden verworven worden.

Ervoor zorgen dat anderen hun visie over de competentie en het oordeelsvermogen van cliŽnten wijzigen.
Als er ťťn element is dat steeds terugkeert in de publieke opvattingen over psychiatrische patiŽnten dan is dat incompetentie. Men gaat er van uit, dat psychiatrische patiŽnten geen zicht hebben op hun eigen noden en er ook niet naar handelen. Wanneer iemand meer controle over zijn bestaan verwerft en op deze wijze aantoont dat hij eigenlijk functioneert zoals "normale mensen", vervagen deze stereotiepe opvattingen. Wie als cliŽnt ontdekt dat hij het respect van anderen verdient, heeft meer zelfvertrouwen en levert op deze wijze een bijdrage om bij outsiders deze stereotype opvattingen over psychiatrische patiŽnten te wijzigen.

Uit de kast komen/comming out
Deze term hebben we overgenomen van de homo- en lesbiennebeweging. Mensen met een verminderde sociale status proberen dit feit dikwijls te verbergen voor zover dit mogelijk is. Maar aan deze keuze zijn ook nadelen verbonden: een aangetast zelfbeeld en de voortdurende vrees ontdekt te worden. Individuen die het punt bereikt hebben waarop ze hun ware identiteit bekend kunnen maken, winnen aan zelfvertrouwen.

Uit zichzelf groeien en blijven veranderen.
Met dit aspect beklemtonen we, dat empowerment niet de bestemming is die men wil bereiken maar de reis zelf. Er is geen eindstadium waar groei en verandering ophouden.

Stigma overstijgen en een positief zelfbeeld opbouwen.
Iemand die empowered is, heeft meer zelfvertrouwen en is tot meer in staat. Hij of zij voelt zich beter in staat om aan het eigen leven vorm en inhoud te geven en dit leidt dan weer tot een beter zelfbeeld. De negatieve identiteit die werd ontleend aan het psychiatrisch etiket die door het individu werd geÔnternaliseerd begint te veranderen. Het individu kan ofwel van deze identiteit volledig afstand nemen, ofwel deze identiteit opnieuw definiŽren en de positieve aspecten ervan meer op de voorgrond plaatsen.

Rehabilitatie en empowerment
Een rehabilitatieprogramma dat empowerment nastreeft, houdt ook een zeker risico in, net zoals wanneer men zelf als cliŽnt het proces van empowerment doormaakt.
De behoefte om te beschermen (en evenzeer om beschermd te worden) is sterk. Anderzijds zijn er tal van voordelen wanneer cliŽnten opnieuw de controle over hun eigen bestaan verwerven en wanneer professionele hulpverleners de rol van gids of begeleider gaan opnemen in plaats van de paternalistische rol van supervisor. Een rehabilitatiebenadering gebaseerd op dergelijke rolverandering en op een daaruit voortvloeiende nieuwe werkelijke verandering in het leven van cliŽnten.

up




'We moeten vrienden worden met de patiŽnt'

Professor Xavier Amador van de Colombia University in New York vond een manier om schizofrene patiŽnten zonder ziekte-inzicht toch over te halen in behandeling te gaan. 'Deze strijd win je niet met argumenten.'

Zeven jaar lang maakte psychiater Xavier Amador ruzie met zijn schizofrene broer Henry. Amador probeerde hem te helpen, Henry wilde geen hulp. Want Henry was niet ziek. Vond Henry. 'Hij werd gemiddeld vier keer per jaar opgenomen in het ziekenhuis', vertelt Amador. 'Dan zei hij braaf ja en amen tegen de doktoren, en beloofde zijn medicijnen te slikken.
Eenmaal thuis gooide hij ze meteen in de prullenbak. Hij loog tegen mij en de dokters, hij deed mijn moeder veel verdriet. Ik dacht dat hij een verschrikkelijk persoon was geworden.'

Schizofrene patiŽnten die hun ziekte ontkennen, worden 'lastige' patiŽnten genoemd, weet Amador. Ze willen niet behandeld worden, ze komen niet op afspraken en ze nemen hun medicijnen niet. Na een jaar slikt de helft van de schizofrene patiŽnten hun medicijnen niet meer, na twee jaar is driekwart ermee gestopt. Af en toe worden ze opgenomen, en dan begint het hele liedje weer van voren af aan. Na zeven jaar besefte Amador dat de welles-nietes strijd een vergeefse was. 'Als ik jou nu zou zeggen dat je je voortaan iedere dag met insuline moet injecteren, zou je dat doen? Nee! Want je hebt geen diabetes, en insulineshots zijn gevaarlijk voor een gezond persoon.
Natuurlijk weiger je.'

Toch beweert u patiŽnten zo ver te kunnen krijgen dat ze in behandeling gaan. Hoe dan?
'Ironisch genoeg door niet meer te proberen de patiŽnten ervan te overtuigen dat ze ziek zijn. Dat meningsverschil wordt namelijk een obstakel in de relatie. Zo was het ook met mijn broer. We waren ooit zo close, maar toen hij bleef ontkennen dat hij ziek was, werden we vijanden. Zelfs al behandelde ik hem met respect, iedere keer als ik vertelde dat hij ziek was, beledigde ik hem.
Ik heb in de loop der jaren een methode gevonden om over dat obstakel heen te springen. Deze methode, LEAP, bestaat uit vier stappen: luisteren, inleven, overeenkomen en samenwerken (Listen, Empathise, Agree, Partner).'

Hoe ziet die methode er in de praktijk uit?
'Ik luister wat de patiŽnt te zeggen heeft en laat blijken dat ik hem begrijp: "Ok, dus je weet zeker dat je niet ziek bent, het ťchte probleem is dat er een chip in je hoofd is geplaatst."
Ik leef me in: "Dat moet heel naar voor je zijn, dat niemand je gelooft." Dat meen ik echt. Deze mensen zijn ontzettend eenzaam. Hoe zou jij het vinden als niemand je zou geloven, terwijl jij honderd procent zeker weet dat je gelijk hebt?
Vervolgens ga ik op zoek naar zaken waar we het wťl over eens zijn. Wat wil de patiŽnt graag? Hij wil het ziekenhuis uit, een baan, goede nachtrust.
Daarbij kan ik hem helpen. We gaan samenwerken om die doelen te bereiken.
Als hij medicijnen neemt, zal hij zich minder zorgen hoeven te maken over de CIA die hem 's nachts uit zijn slaap houdt.
Bovendien zullen de mensen minder bang voor hem zijn, omdat hij niet meer hardop tegen zijn stemmen praat. Dat zal het makkelijker maken om een baantje te vinden.'

Moet de psychiater meegaan in de illusie dat de patiŽnt gezond is?
'Nee. Doordat je laat blijken dat je zijn standpunt begrijpt, kan het zijn dat je de indruk wekt dat je het met hem eens bent. Dat is niet zo, en dat moet je ook niet veinzen. Het gebeurt geregeld dat een patiŽnt mij vraagt: "Dus u vindt ook dat ik niet ziek ben, dokter?" Ik vertel hem mijn mening, maar dat doe ik op een nederige manier - en alleen als de patiŽnt er expliciet naar vraagt. Ook hiervoor heb ik een methode. Ten eerste bied ik mijn excuses aan: "Sorry, ik vrees dat dit teleurstellend voor je is", dan laat ik blijken dat ik er ook best naast kan zitten. Tenslotte vraag ik of we het er over eens kunnen worden dat we van mening verschillen: "Ik wil hier geen ruzie over maken. Ik denk dat jouw mening belangrijker is dan de mijne, maar als je het echt wil weten: ik denk inderdaad dat je ziek bent." Daarna hebben we het er niet meer over.'

Dus de patiŽnten hebben helemaal geen ziekte-inzicht nodig om behandeld te worden?
'Nee! Sterker nog, ziekte-inzicht is in veel gevallen niet eens mogelijk.
Gebrek aan ziekte-inzicht is namelijk een symptoom van de ziekte schizofrenie. Wetenschappelijk onderzoek is daar heel duidelijk over, er is ook een officiŽle naam: anasognosia. In de DSM IV staat dan ook beschreven dat dit een kenmerk van de ziekte is, en geen onwil of manier om met de ziekte om te gaan.'

Is dit inzicht voldoende tot psychiaters doorgedrongen?
'Nee. Ik schat dat ruim negentig procent niet beseft dat dit een kenmerk van de ziekte is.'

Waarom zouden mensen een leven lang medicijnen nemen terwijl ze overtuigd zijn dat ze ze niet nodig hebben?
'Omdat ze ons vertrouwen. Dit gevecht om medewerking win je niet met rationele argumenten, je wint het op basis van de relatie met de patiŽnt.
Mijn broer heeft uiteindelijk achttien jaar braaf zijn medicijnen genomen, maar hij heeft nooit geloofd dat hij schizofrenie had. Hij nam die medicijnen alleen maar omdat hij wist hoe graag wij dat wilden. Dat is ook de belangrijkste verandering sinds ik niet meer probeerde hem te overtuigen van zijn ziekte: we konden weer close zijn. Hij voelde zich weer gerespecteerd door mij, ik beoordeelde hem niet. Als hij vertelde over zijn wanen, zei ik niet dat ze niet waar waren. Ik was geÔnteresseerd in zijn mening, en daardoor was hij ook bereid naar de mijne te luisteren.'

'We moeten dus vrienden worden met de patiŽnt.
Ik weet dat sommige psychiaters zich heel ongemakkelijk voelen bij dat idee, maar het draait allemaal om relaties. Het advies van een vriend neem je immers eerder aan dat van een onbekende. Want vergeet niet, voor patiŽnten betekent het helemaal niets dat ik een psychiater ben. Zij vinden zichzelf geen patiŽnt, dus wat moeten ze met de mening van een psychiater? Ik had net zo goed loodgieter kunnen zijn. Het beste wat je dan kunt doen is vrienden worden.'
(CS)

©Psy 29-04-2011

up